U bent hier

Home

Nieuwe groenten en fruit

Jean Claes

Tomaten:

De plant wordt zo groot als de wortels kunnen gaan.
Trostomaten: ze zijn allemaal gelijk rijp.
Kersttomaten: de plant groeit zeer sterk (woekert); moet gesnoeid worden.
Gele tomaten: een andere smaak; is niet zo mooi als een rode tomaat.
Balkontomaten: een matige vruchtgrootte: geeft heel snel trossen;
kan in een pot gekweekt worden; je moet het water er af houden. 
  
Prei:

Bulgaarse prei: is zeer hoog met een lange, witte schacht ; is een zomerprei;
Heeft niet de echte goede smaak om in de soep te doen; is goed om te stoven.

Rode Biet:

Gele, wit gestreepte, donkerrood; is een zeer gezonde voeding;
Rode Biet raspen met appel.

Bonen:

Snijbonen
Prinsesbonen
Kousenband: een heel lange boon, moet onder glas gekweekt worden.
Sierboon = staakboon: geeft een mooie bloem; is mooie en lekker.

Sla:

Krulsla: lekker en mooi
IJsbergsla        
Kropsla
Veldsla

Koolsoorten: (opletten voor ziektes)

Paksoi: komt uit Japan, krijgt de knolvoet, is niet speciaal.
Suikerbrood: niet te vroeg kweken; houdt van warmte.
Is ook lekker; slakken zijn er verlekkerd op.
Bloemkool
Broccoli: als je de kop afsnijdt schiet hij terug uit.
Spruitkool: er zijn veel variëteiten.

Witloof:

Zoom F 1: het midden seizoen; je kan de oogst spreiden – een wintergroente.
Een paarse variëteit: zeer taai; de wortel bevriest niet snel: zeer gezond.
Heeft een magere grond nodig.

Pompoen:

De bladeren voeden de courgette, de pompoen, de tomaat...
Je moet de vruchten op tijd oogsten anders krijg je 2 vruchten en de rest blijft klein. Red Curry: mooi oranje.

Paprika:

Kan in een pot gekweekt worden.
Als er te veel vruchten en te weinig gezond blad is, dan krijg je niet veel volle
vruchten. Bij kleine vruchten kan je een groter aantal vruchten hebben ( zie pepers)

Aubergine:

De plant is te vergelijken met tomaten en paprika’s.
De kweekplaats moet warm zijn.
Zeer gevoelig voor bladluis en witte vlieg.
De verhouding: bladeren en bloesem moet in evenwicht zijn.
Pepino (solanum muricatum):
Familie van de aardappel, de aubergine, de paprika.
Nieuw: te vinden op de markt te BOKRIJK op 1 mei.
Ook in Genker Plantencentrum.
Heeft het uitzicht van een kleine meloen; is te kweken op het terras.
Als je hem eens hebt, is hij gemakkelijk te stekken (bij voorkeur in de herfst).
Gevoelig voor bladluizen.
Is lekker van smaak. In de vrucht vind je weinig zaad.
Begin tot half mei planten of naar buiten brengen.
Hij is rauw te eten zoals een meloen.
Houdt van warmte; kweekt dus gemakkelijk; overwintert als een geranium.
Organisch mest geven.

Physalis Peruviana (Ananaskers) = goudbes:

gelijkt op de vrucht die je vindt op een ijscoupe.
In een pot kweken.
In de herfst heb je een massa vruchten.
De plant wordt gezaaid.

Suikermaïs:

Goed voor kinderen; je kan er popcorn van maken.
Een stam met boter insmeren en wat zout toevoegen: lekker.

Knolvenkel:

Zaaien in juni – schiet in zaad als je te vroeg zaait of na een rustperiode: bijv. vorst.
Moet veel humusrijke meststof hebben en staat graag warm.
Her kruid kun je ook gebruiken in sauzen en soepen.

Vijgen:

Tegen een zuidermuur zetten of in kuipen planten bij compactere soorten.
Vermeerderen door stekken (groeit gemakkelijk)
Opgepast ! Beschermen want een groeiende plant bevriest.

Kiwi:

Is een echte woekerplant.
Je moet een mannelijke en vrouwelijke plant hebben.
Je kan ze best tegen een muur planten.
Ze draait zich rond andere planten en wurgt deze planten.
Dus snoeien: de zijtakken terugbrengen tot stompjes van enkele cm.